DE VELDTOCHT VAN 1815

 

DE VELDTOCHT VAN 1815Bij zijn terugkeer in Parijs, na maanden van ballingschap op het eiland Elba, stelt keizer Napoleon vast dat Europa een coalitie tegen hem vormt. Aangezien hij met de andere landen geen vrede kan sluiten, beslist hij de twee legers in de Belgische provincies, in die tijd verenigd onder Nederlands bewind, te vernietigen.

Op 15 juni 1815 steekt het Franse leger de grens over en rukt het op naar Charleroi. Op 16 juni verslaat Napoleon de Pruisische troepen in Ligny. Maarschalk Ney, die het bevel heeft over de linkerflank, slaagt er echter niet in het kruispunt Quatre-Bras bij Baisy-Thy te veroveren. Op 17 juni is de keizer ervan overtuigd dat de Pruisen zich naar het oosten terugtrekken, terwijl ze in werkelijkheid naar het noorden optrekken om zich bij het leger van Wellington te voegen. Een hevig onweer vertraagt de troepenbewegingen.

Op zondag 18 juni raken de troepen slaags in Mont-Saint-Jean, ten zuiden van het gehucht Waterloo. Aanvankelijk gaat de strijd alleen tussen het leger van Wellington (67.000 man) en de Franse troepen (71.000 man). De Franse infanteristen strijden met uitzonderlijke moed en hun beroemde kurassiers voeren roemrijke charges uit, maar toch kunnen ze de weerstand van de troepen van Wellington niet breken. Ondanks de grote uitputting slagen deze erin hun stellingen te verdedigen. Aan het einde van de namiddag vallen drie Pruisische legerkorpsen de rechterflank van de Franse troepen aan en bezegelen zo het lot van de veldslag.

De slag maakt ongeveer 48.000 slachtoffers, van wie er zowat 10.000 ter plaatse overlijden.

Napoleon keert naar Parijs terug, treedt een tweede keer af en ondergaat zijn lot dat hem deze keer naar Sint-Helena in het zuidelijk deel